Informatie over het woord schaffen (Duits → Esperanto: krei)

Uitspraak/ˈʃafən/
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ich) schaffe(ich) schuf
(du) schaffst(du) schufst
(er) schafft(er) schuf
(wir) schaffen(wir) schufen
(ihr) schafft(ihr) schuft
(sie) schaffen(sie) schufen
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ich) schaffe(ich) schüffe
(du) schaffest(du) schüffest
(er) schaffe(er) schüffe
(wir) schaffen(wir) schüffen
(ihr) schaffet(ihr) schüffet
(sie) schaffen(sie) schüffen
Gebiedende wijs
(du) schaffe
(ihr) schafft
schaffen Sie
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
schaffend(haben) geschaffen

Vertalingen

Afrikaanskreëer; skep
Albaneeskrijoj
Catalaanscrear
Engelscreate
Engels (Oudengels)gescieppan
Esperantokrei
Faeröersskapa
Finsluoda
Franscréer
Latijncreare
Luxemburgsschaffen
Nederlandscreëren; maken; scheppen
Papiamentskrea
Poolstworzyć
Portugeescriar; fazer; instituir
Roemeenscrea
Saterfriesschafje; schäppe; skafje; skäppe; uutgjuchte; winne
Spaanscrear
Srananmeki
Thaisสร้าง
Tsjechischstvořit; tvořit; utvořit; vytvářet; vytvořit
Westerlauwers Friesskeppe; meitsje
Zweedsskapa