Information about the word eraan (Dutch → Esperanto: al ĝi)

Pronunciation/ɛˈran/, /əˈran/
Hyphenationer·aan
Part of speechpronominal adverb

Usage samples

De man die eraan zat, was van middelbare leeftijd, ongeveer vijftig, maar slank en elegant.

Translations

Englishon it
Esperantoal ĝi
Germanihm