Informatie over het woord opzwelling (Nederlands → Esperanto: ŝvelaĵo)

Uitspraak/ˈɔpsʋɛlɪŋ/
Afbrekingop·zwel·ling
Woordsoortzelfstandig naamwoord

Vertalingen

DuitsSchwellung; Wulst
Engelsswelling; bulge
Esperantoŝvelaĵo
Noorssvulst
Portugeescalombo
Spaansborbotón; córcova; giba; tumor