Informo pri la vorto besparen (nederlanda → esperanto: ŝpari)

Vortspecoverbo
Prononco/bəˈspaːrə(n)/
Dividobe·spa·ren

Uzekzemploj

Ik kan je een hele hoop moeite besparen.
Dat zou tijd besparen.
Maar zijn kameraden is een droeve taak bespaard gebleven, aangezien hij een fraai graf voor zichzelf in orde had gebracht.
Dat bespaart u tijd en geld.

Tradukoj

afrikansobespaar; spaar
anglaeconomize; save; spare
ĉeĥaspořit; šetřit; uspořit; ušetřit
danaspare
esperantoŝpari
feroaspara
finnasäästää
francaéconomiser; épargner
germanaerübrigen; sparen; ersparen
hispanaahorrar; economizar
katalunaestalviar
papiamentospar
polaoszczędzać
portugalaeconomizar; poupar
rusaберечь; щадить
saterlanda frizonaferuurigje; spoarje
svedaspara