Informo pri la vorto vermaken (nederlanda → esperanto: ŝanĝi)

Prononco/vərˈmakə(n)/
Dividover·ma·ken
Vortspecoverbo

Konjugacio

Indikativo
PrezencoPreterito
(ik) vermaak(ik) vermaakte
(jij) vermaakt(jij) vermaakte
(hij) vermaakt(hij) vermaakte
(wij) vermaken(wij) vermaakten
(gij) vermaakt(gij) vermaaktet
(zij) vermaken(zij) vermaakten
Subjunktivo
PrezencoPreterito
(dat ik) vermake(dat ik) vermaakte
(dat jij) vermake(dat jij) vermaakte
(dat hij) vermake(dat hij) vermaakte
(dat wij) vermaken(dat wij) vermaakten
(dat gij) vermaket(dat gij) vermaaktet
(dat zij) vermaken(dat zij) vermaakten
Imperativo
Singularo/PluraloPluralo
vermaakvermaakt
Participoj
Prezenca participoPreterita participo
vermakend, vermakende(hebben) vermaakt

Tradukoj

afrikansoverander; wissel; wysig
anglaalter
ĉeĥaměnit; proměnit; vyměnit; změnit; změnit se
danaforandre; ændre; veksle
esperantoŝanĝi
feroabroyta; skifta
finnamuuttaa
francachanger; convertir; transformer
germanaändern; tauschen; umtauschen; umwechseln; wechseln
hispanacambiar; mudar
hungaraváltozik
islandaumbreyta
italacambiare
katalunacanviar; transformar
latinomutare
luksemburgiaänneren; veränneren; wiesselen
malajaganti; mengubah
norvegaforandre; veksle
okcidenta frizonawikselje
papiamentokambia; troka
polazmieniać
portugalaalterar; converter; modificar; mudar
rumanaschimba
saterlanda frizonaannerje; tuuskje; umebuutje; uumannerje; uumetuuskje; uumewikselje; wikselje
surinamakenki
svedaförvandla; förväxla; förändra; växla
tajaเปลี่ยน
turkabaşkalaşmak