Informatie over het woord paard (Nederlands → Esperanto: ĉevalo)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/paːrt/
Afbrekingpaard
Geslachtonzijdig
Meervoudpaarden

Verkleinwoord
EnkelvoudMeervoud
paardjepaardjes

Voorbeelden van gebruik

De paarden werden op stal gezet en kregen volop hooi.
Deze jongeman beweert dat geen paard hem uit het zadel krijgt.
Hij wankelde naar buiten en ontdekte dat zijn paard verdwenen was.

Vertalingen

Afrikaansperd
Albaneeskalë
Berbersayyis (ⴰⵢⵢⵉⵙ)
Deenshest
DuitsPferd; Roß
Engelshorse
Engels (Oudengels)hengest; hors; steda
Esperantoĉevalo
Faeröersross
Finshevonen
Franscheval
Grieksάλογο
Grieks (Oudgrieks)ἵππος
Hawaiaanslio
Hongaars
IJslandshestur; hross
Italiaanscavallo
Latijncaballus; equus
LuxemburgsPäerd
Maleiskuda
Noorshest
Papiamentskabai
Poolskoń
Portugeescavalo
Roemeenscal
Russischконь; лошадь
SaterfriesHoangst; Sosse
Schots-Gaelischeach
Spaanscaballo
Srananasi
Swahilifarasi
Thaisม้า
Turksbeygir; at
Westerlauwers Frieshappe; hynder
Zweedshäst