Informatie over het woord bajonet (Nederlands → Esperanto: bajoneto)

Uitspraak/bajoˈnɛt/
Afbrekingba·jo·net
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachthistorisch vrouwelijk, tegenwoordig ook manlijk
Meervoudbajonetten

Voorbeelden van gebruik

Aan de buitenkant werd de kooi bewaakt door schildwachten met de bajonet op het geweer.

Vertalingen

Afrikaansbajonet
Deensbajonet
DuitsBajonett
Engelsbayonet
Esperantobajoneto
Fransbaïonnette
Grieksμπαγιονέττα; ξιφολόγχη
Hongaarsbajonett
Italiaansbaionetta
Papiamentsbayonèt
Portugeesbaioneta
Russischштык
SaterfriesBajonett
Spaansbayoneta
Tsjechischbajonet; bodák
Turkssüngü
Westerlauwers Friesbajonet
Zweedsbajonett