Informatie over het woord aanwending (Nederlands → Esperanto: uzado)

Uitspraak/ˈanʋɛndɪŋ/
Afbrekingaan·wen·ding
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtvrouwelijk

Vertalingen

Deensafbenyttelse; benyttelse; brug
DuitsBenutzung; Gebrauch
Engelsuse
Esperantouzado
Portugeesemprego; usança; uso
SaterfriesBenutsenge; Gebruuk
Westerlauwers Friesgebrûk