Informatie over het woord slur (Engels → Esperanto: fuŝprononci)

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/slɜː*/
Afbrekingslur

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) slur(I) slurred
(thou) slurrest(thou) slurredst
(he) slurs, slurreth(he) slurred
(we) slur(we) slurred
(you) slur(you) slurred
(they) slur(they) slurred
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) slur (I) slurred
(thou) slur(thou) slurred
(he) slur(he) slurred
(we) slur(we) slurred
(you) slur(you) slurred
(they) slur(they) slurred
Gebiedende wijs
slur
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
slurringslurred

Vertalingen

Afrikaanssleg uitspreek
Esperantofuŝprononci
Nederlandsslecht uitspreken