Informatie over het woord bruligi

Woordsoortwerkwoord
Afbrekingbrul·ig·i

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdbruligas
Verleden tijdbruligis
Toekomende tijdbruligos
 
Voorwaardelijke wijs
bruligus
 
Gebiedende wijs
bruligu

 Deelwoorden
 Actieve deelwoordenPassieve deelwoorden
Tegenwoordige tijdbruligantabruligata
Verleden tijdbruligintabruligita
Toekomende tijdbruligontabruligota

Vertalingen

Afrikaansverbrand
Duitsanfachen; anzünden; brennen lassen; in Brand stecken
Engelsburn; sear; strike
Faeröersfesta í; seta eld á
Hawaiaanspuhi
Italiaansaccendere; bruciare
Maleismembakar
Nederlandsbranden; verbranden
Portugeesincendiar; incinerar; queimar
Saterfriesferbaadenje
Spaansencender; quemar
Tsjechischspálit; upálit