Informatie over het woord bliuwe (Westerlauwers Fries → Esperanto: resti)

Uitspraak/bljouə/
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) bliuw(ik) bleau
(do) bliuwst(do) bleaust
(hy) bliuwt(hy) bleau
(wy) bliuwe(wy) bleauwen, bleaunen
(jimme) bliuwe(jimme) bleauwen, bleaunen
(sy) bliuwe(sy) bleauwen, bleaunen
Gebiedende wijs
bliuw
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
bliuwend, bliuwende(wêse) bleaun
Infinitief II
bliuwen

Voorbeelden van gebruik

De jonge is yn ’e auto bleaun.

Vertalingen

Afrikaansaanbly; bly
Catalaansquedar; restar; romandre
Deensforblive
Duitsbleiben; ruhen; sich aufhalten; übrigbleiben
Engelsabide; keep; remain; rest; stay; stay over; tarry
Engels (Oudengels)belifan; ætsittan
Esperantoresti
Faeröerssteðga; vera eftir; verða verandi
Finsjäädä
Fransrester
Italiaansrestare; rimanere; stare
Latijnmanere
Luxemburgsbleiwen
Maleismenginap
Nederlandsblijven; overblijven; resten; resteren; toeven; verblijven; zich ophouden; aanblijven
Noorsbli
Papiamentskeda
Poolszostawać
Portugeesficar; permanecer; restar
Roemeensrămâne; sta
Russischоставаться; остаться
Saterfriesblieuwe; uurblieuwe
Schots-Gaelischfan; fuirich
Spaanspermanecer; quedarse
Srananfika; tan
Swahili‐kaa
Thaisเหลือ; อยู่; อาศัย; อาศัยอยู่
Welsaros
Zweedsförbli; förbliva; stanna