Informatie over het woord accredit (Engels → Esperanto: akcepti)

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/əˈkɹɛdɪt/
Afbrekingac·cred·it
Shaw‐alfabet𐑩𐑒𐑮𐑧𐑛𐑦𐑑

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) accredit(I) accredited
(thou) accreditest(thou) accreditedst
(he) accredits, accrediteth(he) accredited
(we) accredit(we) accredited
(you) accredit(you) accredited
(they) accredit(they) accredited
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) accredit (I) accredited
(thou) accredit(thou) accredited
(he) accredit(he) accredited
(we) accredit(we) accredited
(you) accredit(you) accredited
(they) accredit(they) accredited
Gebiedende wijs
accredit
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
accreditingaccredited

Vertalingen

Afrikaansaanneem; neem; aanvaár; aanvaar
Albaneespranoj
Catalaansacceptar; acollir; rebre
Deensacceptere; modtage; sige ja tak til
Duitsakzeptieren; annehmen; aufnehmen; auf sich nehmen; eingehen auf; einwilligen in; entgegennehmen; hinnehmen; im Empfang nehmen; sich gefallen lassen
Esperantoakcepti
Faeröerstaka ímóti; taka við; viðurkenna
Finsottaa vastaan
Fransaccepter; accueillir; admettre; adopter; agréer; comporter; prendre; recevoir; recueillir; revêtir; souffrir
Grieksδέχομαι
Hongaarsakceptál; elfogad
IJslandsþakka; samþykkja
Italiaansaccettare; accogliere
Latijnaccipere
Maleismenerima; terima
Nederlandsaannemen; aanvaarden; accepteren; ingaan op; in ontvangst nemen; nemen; ontvangen
Noorsgodta; takke ja til
Papiamentsakseptá; aseptá
Poolsprzyjmować
Portugeesaceitar; acolher; admitir; receber; topar
Roemeensaccepta; primi
Russischпринимать
Saterfriesakzeptierje; ämpfange; geneemigje; ounnieme
Spaansaceptar; acoger; admitir; recibir; tomar
Tsjechischpřijmouti
Turksalmak; kabul etmek
Westerlauwers Friesoanfurdigje; oannimme
Zweedstacka ja till