Informatie over het woord asfalt (Nederlands → Esperanto: asfalto)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/ˈɑsfɑlt/
Afbrekingas·falt
Geslachtonzijdig

Voorbeelden van gebruik

Op het bloed dat op het asfalt ligt voor het veroverde gebouw, slaat niemand meer acht.

Vertalingen

Afrikaansasfalt; bergpik
Catalaansasfalt
Deensasfalt
DuitsAsphalt; Erdpech
Engelsasphalt
Esperantoasfalto; terpeĉo
Fransasphalte
Grieksάσφαλτος
Hongaarsaszfalt
IJslandsasfalt; malbik
Italiaansasfalto
Latijnbitumen
Papiamentsasfalt
Portugeesasfalto
Russischасфальт
SaterfriesÄidpik; Asphalt
Spaansasfalto
Turksasfalt
Zweedsjordbeck