Informatie over het woord lijken (Nederlands → Esperanto: simili)

Uitspraak/ˈlɛɪ̯kə(n)/
Afbrekinglij·ken
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) lijk(ik) leek
(jij) lijkt(jij) leek
(hij) lijkt(hij) leek
(wij) lijken(wij) leken
(gij) lijkt(gij) leekt
(zij) lijken(zij) leken
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) lijke(dat ik) leke
(dat jij) lijke(dat jij) leke
(dat hij) lijke(dat hij) leke
(dat wij) lijken(dat wij) leken
(dat gij) lijket(dat gij) leket
(dat zij) lijken(dat zij) leken
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
lijkend, lijkende(hebben) geleken

Voorbeelden van gebruik

Deze gestalten zijn zwart, maar ze lijken niet op negers.
De eerste leek enigszins op Leblanc.

Vertalingen

Deensligne
Duitsähneln; gleichen
Engelsresemble
Esperantosimili; simili al
Faeröerslíkjast
Fransrejoindre; ressembler
IJslandslíkjast
Italiaansrassomiglare
Noorsligne
Papiamentsliga; parse
Saterfriesglieke; gliekje; liekje
Spaansparecerse
Tsjechischpodobat se
Turksbenzemek; andırmak
Westerlauwers Frieslykje
Zweedslikna