Informatie over het woord bobenego

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Afbrekingbo·ben·eg·o

Verbuiging

 EnkelvoudMeervoud
Nominatiefbobenegobobenegoj
Accusatiefbobenegonbobenegojn

Vertalingen

Duitsgroße Spule
Engelswinch
Nederlandsgangspil; lier; windas; windspil
Portugeessarrilho
Spaanstorno