Informatie over het woord ring (Nederlands → Esperanto: ringo)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/rɪŋ/
Afbrekingring

Voorbeelden van gebruik

Toen nam hij de kleine cilinder met de rode ringen uit zijn zak, en controleerde die ook.

Vertalingen

Afrikaansring; wal
Catalaansanell; anella
Deensringe
DuitsRing
Engelsring; band
Engels (Oudengels)hring
Esperantoringo
Faeröersringur
Finsrengas
Fransanneau; bague
Hongaarsgyürü
IJslandshringur
Italiaansanello
Latijnanulus; circulus
Noorsring
Papiamentsrenchi
Portugeesanel; argola
SaterfriesRing
Spaansanillo; sortija
Srananlinga
Thaisแหวน
Tsjechischkroužek; prsten; prstenec
Zweedsring