Informatie over het woord spotlachen (Nederlands → Esperanto: rikani)

Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) spotlach(ik) spotlachte
(jij) spotlacht(jij) spotlachte
(hij) spotlacht(hij) spotlachte
(wij) spotlachen(wij) spotlachten
(gij) spotlacht(gij) spotlachtet
(zij) spotlachen(zij) spotlachten
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) spotlache(dat ik) spotlachte
(dat jij) spotlache(dat jij) spotlachte
(dat hij) spotlache(dat hij) spotlachte
(dat wij) spotlachen(dat wij) spotlachten
(dat gij) spotlachet(dat gij) spotlachtet
(dat zij) spotlachen(dat zij) spotlachten
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
spotlachspotlacht
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
spotlachend, spotlachende(hebben) gespotlacht

Vertalingen

Duitsgrinsen
Engelssneer
Engels (Oudengels)grennian
Esperantorikani
Faeröersflenna upp á háð
Fransricaner
Saterfriesgniesje; grinsje; kiesje