Informatie over het woord aanslaan (Nederlands → Esperanto: resalti)

Uitspraak/ˈanslan/
Afbrekingaan·slaan
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(hij) slaat aan(hij) sloeg aan
(zij) slaan aan(zij) sloegen aan
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat hij) aansla(dat hij) aansloege
(dat zij) aanslaan(dat zij) aansloegen
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
aanslaand, aanslaande(zijn) aangeslagen

Vertalingen

Afrikaansafstuit; stuit
Duitsabprallen
Engelsbank; bounce; rebound; recoil; ricochet
Esperantoresalti
Fransrebondir
Saterfriesstoitje
Westerlauwers Friesôfstuitsje
Zweedsstudsa