Informatie over het woord vrijhouden (Nederlands → Esperanto: regali)

Uitspraak/ˈvrɛɪ̯ɦɑʊ̯də(n)/
Afbrekingvrij·hou·den
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) hou vrij, houd vrij(ik) hield vrij
(jij) houdt vrij(jij) hield vrij
(hij) houdt vrij(hij) hield vrij
(wij) houden vrij(wij) hielden vrij
(gij) houdt vrij(gij) hieldt vrij
(zij) houden vrij(zij) hielden vrij
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) vrijhoude(dat ik) vrijhielde
(dat jij) vrijhoude(dat jij) vrijhielde
(dat hij) vrijhoude(dat hij) vrijhielde
(dat wij) vrijhouden(dat wij) vrijhielden
(dat gij) vrijhoudet(dat gij) vrijhieldet
(dat zij) vrijhouden(dat zij) vrijhielden
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
hou vrij, houd vrijhoudt vrij
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
vrijhoudend, vrijhoudende(hebben) vrijgehouden

Vertalingen

Catalaansobsequiar; regalar
Duitsbewirten; regalieren; traktieren
Engelsentertain; treat
Esperantoregali
Fransrégaler
Portugeesmimosear; obsequiar; regalar
Saterfriesbewirtje; bewirtje; gastierje; regalierje; traktierje
Spaansagasajar; obsequiar; tratar bien