Informatie over het woord bieden (Nederlands → Esperanto: proponi)

Uitspraak/ˈbidə(n)/
Afbrekingbie·den
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) bied(ik) bood
(jij) biedt(jij) bood
(hij) biedt(hij) bood
(wij) bieden(wij) boden
(gij) biedt(gij) boodt
(zij) bieden(zij) boden
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) biede(dat ik) bode
(dat jij) biede(dat jij) bode
(dat hij) biede(dat hij) bode
(dat wij) bieden(dat wij) boden
(dat gij) biedet(dat gij) bodet
(dat zij) bieden(dat zij) boden
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
biedbiedt
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
biedend, biedende(hebben) geboden

Voorbeelden van gebruik

Maar laat me eens zien wat je te bieden hebt.
Ik bied jullie allen de keus.
Wie biedt er veertien?
Zeventienduizend pond is geboden.

Vertalingen

Afrikaansaanbied; bied
Catalaansoferir; proposar
Deensbyde; foreslå; tilbyde
Duitsbeantragen; vorschlagen
Engelsoffer; bid
Esperantoproponi
Faeröersbjóða; skjóta upp
Finsehdottaa
Fransproposer
Italiaansproporre
Papiamentsproponé
Poolsproponować
Portugeesoferecer; propor
Roemeenspropune
Saterfriesbeandreege; foarslo; proponierje
Spaansofrecer; proponer
Thaisแนะ; แนะนำ; ยื่น
Tsjechischnavrhnout
Westerlauwers Friesbiede; foarslaan; oanbiede
Zweedsbjuda