Informatie over het woord Haupt (Duits → Esperanto: kapo)

Uitspraak/haʊpt/
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtonzijdig

Verbuiging

 EnkelvoudMeervoud
NominatiefHauptHäupter
GenitiefHaupts, HauptesHäupter
DatiefHaupt, HaupteHäuptern
AccusatiefHauptHäupter

Voorbeelden van gebruik

In der Schale, die ihre schlanken Hände umfaßten, ruhte in einer Blutlache das Haupt von Johannes dem Täufer.
Doch die Arbeiter ignorierten seine Worte und blickten mit gesenkten Häuptern stur in den Wüstensand.

Vertalingen

Afrikaanshoof; kop; krop
Albaneeskokë
Berbersaqeṛṛuy (ⴰⵇⴻⵕⵕⵓⵢ)
Catalaanscap
Deenshoved
Engelshead
Engels (Oudengels)heafod
Esperantokapo
Faeröershøvd; høvur
Finspää
Franstête
Grieksκεφάλι
Hongaarsfej
Italiaanstesta
Jiddischקאָפּ; הויפּט
Latijncaput
LuxemburgsKapp
Maleishulu; kepala
Nederlandshoofd; krop; knar
Noorshode; hue
Papiamentskabes
Poolsgłowa
Portugeescabeça
Roemeenscap
Russischголова
SaterfriesKop
Schots-Gaelischceann
Spaanscabeza
Srananede
Swahilikichwa
Thaisหัว
Tsjechischhlava; hlavička; hlavice; záhlaví
Turksbaş
Welspen
Westerlauwers Friesholle; kop
Zweedshuvud