Informatie over het woord opleveren (Nederlands → Esperanto: produkti)

Uitspraak/ˈɔplevərə(n)/
Afbrekingop·le·ve·ren
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) lever op(ik) leverde op
(jij) levert op(jij) leverde op
(hij) levert op(hij) leverde op
(wij) leveren op(wij) leverden op
(gij) levert op(gij) leverdet op
(zij) leveren op(zij) leverden op
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) oplevere(dat ik) opleverde
(dat jij) oplevere(dat jij) opleverde
(dat hij) oplevere(dat hij) opleverde
(dat wij) opleveren(dat wij) opleverden
(dat gij) opleveret(dat gij) opleverdet
(dat zij) opleveren(dat zij) opleverden
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
opleverend, opleverende(hebben) opgeleverd

Vertalingen

Afrikaansafwerp; oplewer; produseer
Catalaansproduir
Deensproducere
Duitserzeugen; hervorbringen; produzieren
Engelsproduce; yield
Esperantoprodukti
Finsaikaansaada; tuottaa
Fransproduire
Italiaansprodurre
Maleismenghasilkan
Papiamentsprodusí
Saterfriesdwo; fabriksierje; häärstaale; moakje; produksierje
Spaansproducir
Tsjechischprodukovat; vyrábět; vytvářet
Turksürün vermek
Westerlauwers Friesopsmite; produsearje
Zweedsalstra; producera