Information about the word leuning (Dutch → Esperanto: apogilo)

Pronunciation/ˈlønɪŋ/
Hyphenationleu·ning
Part of speechcommon noun
Genderfeminine
Pluralleuningen

Usage samples

Hij zuchtte, leunde achterover en tikte weer zachtjes op de leuning van zijn stoel.

Translations

Czechopěra; opora; podpěra; podpora
Englishback
Esperantoapogilo
Frenchappui
GermanLehne; Stütze
Portugueseapoio
Saterland FrisianHoold; Stiepel; Stöän; Stutte
Spanishrespaldo
Swedishstöd
West Frisianlining