Informatie over het woord appendix (Nederlands → Esperanto: apendico)

Uitspraak/ɑˈpɛndɪks/
Afbrekingap·pen·dix
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtmanlijk of onzijdig
Meervoudappendices

Vertalingen

Afrikaansaanhangsel
DuitsAnhang; Anhängsel; Appendix; Beigabe
Engelsappendix
Esperantoapendico
Fransappendice
Hongaarsfüggelék
Portugeesapêndice
Spaansapéndice
Turksapandis
Westerlauwers Friesoanhingsel