Informatie over het woord verkleinen (Nederlands → Esperanto: plietigi)

Uitspraak/vərˈklɛinə(n)/
Afbrekingver·klei·nen
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) verklein(ik) verkleinde
(jij) verkleint(jij) verkleinde
(hij) verkleint(hij) verkleinde
(wij) verkleinen(wij) verkleinden
(gij) verkleint(gij) verkleindet
(zij) verkleinen(zij) verkleinden
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) verkleine(dat ik) verkleinde
(dat jij) verkleine(dat jij) verkleinde
(dat hij) verkleine(dat hij) verkleinde
(dat wij) verkleinen(dat wij) verkleinden
(dat gij) verkleinet(dat gij) verkleindet
(dat zij) verkleinen(dat zij) verkleinden
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
verkleinverkleint
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
verkleinend, verkleinende(hebben) verkleind

Vertalingen

Esperantoplietigi
Fransdiminuer