Informatie over het woord abräumen (Duits → Esperanto: forpreni)

Uitspraak/ˈaprɔɪmən/
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ich) abräum (ich) abräumt
(du) abräums (du) abräumtes
(er) abräum (er) abräumt
(wir) abräume (wir) abräumte
(ihr) abräum (ihr) abräumte
(sie) abräume (sie) abräumte
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ich) abräum (ich) abräumt
(du) abräumes (du) abräumtes
(er) abräum (er) abräumt
(wir) abräume (wir) abräumte
(ihr) abräume (ihr) abräumte
(sie) abräume (sie) abräumte
Gebiedende wijs
(du) räume ab
(ihr) abräum
abräume Sie
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
abräumend(haben) abgeräumt

Vertalingen

Afrikaansbeneem
Deenstage bort
Engelsabstract; remove; seize; take; take away
Esperantoforpreni
Fransôter; retrancher
Italiaansritirare
Latijnabdere; adimere
Nederlandsafnemen; afpakken; benemen; weghalen; wegnemen
Papiamentskita
Poolszabrać
Portugeesarrancar; tomar
Russischзабирать; забрать
Saterfriesäntluuke; ouruumje; wächnieme
Spaansarrebatar
Westerlauwers Friesôfnimme