Informatie over het woord aandrijven (Nederlands → Esperanto: peli)

Uitspraak/ˈandrɛɪ̯və(n)/
Afbrekingaan·drij·ven
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) drijf aan(ik) dreef aan
(jij) drijft aan(jij) dreef aan
(hij) drijft aan(hij) dreef aan
(wij) drijven aan(wij) dreven aan
(gij) drijft aan(gij) dreeft aan
(zij) drijven aan(zij) dreven aan
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) aandrijve(dat ik) aandreve
(dat jij) aandrijve(dat jij) aandreve
(dat hij) aandrijve(dat hij) aandreve
(dat wij) aandrijven(dat wij) aandreven
(dat gij) aandrijvet(dat gij) aandrevet
(dat zij) aandrijven(dat zij) aandreven
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
drijf aandrijft aan
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
aandrijvend, aandrijvende(hebben) aangedreven

Vertalingen

Afrikaansaandryf; aandrywe; dryf
Catalaansacuitar; arriar; conduir; impel·lir; empaitar; foragitar
Duitsanfeuern; jagen; treiben; vor sich hertreiben
Engelsdrive; drive on; impel
Engels (Oudengels)adræfan; dræfan
Esperantopeli
Faeröersreka
Finskarkottaa
Fransamener à; faire avancer; pourchasser; poursuivre; pousser
Hongaarsűz
Portugeestanger; tocar
Russischгнать
Saterfriesanfjuurje; drieuwe; ferballerje; foar sik häärdrieuwe; joagje; Moud; ounbaale; ounreegje
Spaansacuciar; arrear; impeler
Westerlauwers Friesdriuwe; oandriuwe
Zweedsdriva; fösa