Informatie over het woord waarnemen (Nederlands → Esperanto: observi)

Uitspraak/ˈʋarnemə(n)/
Afbrekingwaar·ne·men
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) neem waar(ik) nam waar
(jij) neemt waar(jij) nam waar
(hij) neemt waar(hij) nam waar
(wij) nemen waar(wij) namen waar
(gij) neemt waar(gij) naamt waar
(zij) nemen waar(zij) namen waar
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) waarneme(dat ik) waarname
(dat jij) waarneme(dat jij) waarname
(dat hij) waarneme(dat hij) waarname
(dat wij) waarnemen(dat wij) waarnamen
(dat gij) waarnemet(dat gij) waarnamet
(dat zij) waarnemen(dat zij) waarnamen
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
neem waarneemt waar
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
waarnemend, waarnemende(hebben) waargenomen

Voorbeelden van gebruik

Deze was 90 jaar eerder voor het laatst in de jungle op het eiland waargenomen.
Houd een vochtig blauw lakmoespapiertje boven het schaaltje en neem de geur waar.

Vertalingen

Afrikaanswaarneem
Catalaansobservar; vigilar
Duitsbeaufsichtigen; beobachten; betrachten; halten; verfolgen; zusehen
Engelsobserve
Esperantoobservi
Fransobserver
Italiaansosservare
Papiamentsopservá
Portugeesobservar
Roemeensobserva; urmări
Saterfriesbeapsichtigje; beooboachtje; betrachtje; ferfoulgje; foarhääbe; inspizierje; ju Apsicht hääbe; musterje
Spaanscumplir; observar
Westerlauwers Friesobservearje; hâlde
Zweedsobservera