Informatie over het woord dreigbrief (Nederlands → Esperanto: minacletero)

Uitspraak/ˈdrɛɪ̯ɣbrif/
Afbrekingdreig·brief
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtmanlijk
Meervouddreigbrieven

Voorbeelden van gebruik

Heeft heer Bommel een dreigbrief gehad?
Toen kreeg hij dreigbrieven.

Vertalingen

Engelsthreatening letter
Esperantominacletero
Westerlauwers Friesdriichbrief