Informatie over het woord פּרי (Jiddisch → Esperanto: frukto)

Uitspraak/ˈpɛɪrə/
Woordsoortzelfstandig naamwoord

Vertalingen

Afrikaansvrug
Catalaansfruit
Deensfrugt
DuitsFrucht
Engelsfruit
Engels (Oudengels)æcern
Esperantofrukto
Faeröersfrukt
Finshedelmä
Fransfruit
Hawaiaanshua
Hongaarsgyümölcs
Italiaansfrutta
Latijnfructus; pomum
LuxemburgsFruucht
Maleisbuah
Nederlandsvrucht
Noorsfrukt
Papiamentsfruta
Poolsowoc
Portugeesfruta
Russischплод
SaterfriesFrucht
Schots-Gaelischtoradh
Spaansfruta; fruto
Srananfroktu
Thaisผลไม้
Tsjechischovoce; plod
Westerlauwers Friesfrucht
Zweedsfrukt