Informo pri la vorto bewerken (nederlanda → esperanto: kultivi)

Prononco/bəˈʋɛrkə(n)/
Dividobe·wer·ken
Vortspecoverbo

Konjugacio

Indikativo
PrezencoPreterito
(ik) bewerk(ik) bewerkte
(jij) bewerkt(jij) bewerkte
(hij) bewerkt(hij) bewerkte
(wij) bewerken(wij) bewerkten
(gij) bewerkt(gij) bewerktet
(zij) bewerken(zij) bewerkten
Subjunktivo
PrezencoPreterito
(dat ik) bewerke(dat ik) bewerkte
(dat jij) bewerke(dat jij) bewerkte
(dat hij) bewerke(dat hij) bewerkte
(dat wij) bewerken(dat wij) bewerkten
(dat gij) bewerket(dat gij) bewerktet
(dat zij) bewerken(dat zij) bewerkten
Imperativo
Singularo/PluraloPluralo
bewerkbewerkt
Participoj
Prezenca participoPreterita participo
bewerkend, bewerkende(hebben) bewerkt

Uzekzemploj

Ik wilde de grond bezitten die ik bewerkte.

Tradukoj

anglacultivate; work
esperantokultivi
germanaanbauen; kultivieren; bebauen; bestellen; züchten
hispanacultivar
papiamentokultivá