Informatie over het woord corresponderen (Nederlands → Esperanto: korespondi)

Uitspraak/kɔrɛspɔnˈderə(n)/
Afbrekingcor·res·pon·de·ren
Woordsoortwerkwoord

Vertalingen

Catalaanscartejar‐se; enllaçar‐se
Duitsentsprechen; in Briefwechsel stehen; korrespondieren
Engelscorrespond
Esperantokorespondi
Faeröersskifta brøv
Finsvaihtaa kirjeitä
Franscorrespondre
Papiamentskorespondé
Poolskorespondować
Portugeescorresponder‐se
Saterfriesäntspreeke; korrespondierje
Spaanscartearse; corresponderse
Zweedskorespondera