Informatie over het woord abhor (Engels → Esperanto: abomeni)

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/əbˈhɔː*/
Afbrekingab·hor
Shaw‐alfabet𐑩𐑚𐑣𐑹

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) abhor(I) abhorred
(thou) abhorrest(thou) abhorredst
(he) abhors, abhorreth(he) abhorred
(we) abhor(we) abhorred
(you) abhor(you) abhorred
(they) abhor(they) abhorred
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) abhor (I) abhorred
(thou) abhor(thou) abhorred
(he) abhor(he) abhorred
(we) abhor(we) abhorred
(you) abhor(you) abhorred
(they) abhor(they) abhorred
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
abhorringabhorred

Vertalingen

Afrikaansverafsku; verfoei
Catalaansdetestar; odiar
Deensafsky
Duitsverabscheuen
Esperantoabomeni
Faeröershava andstygd
Fransabhorrer; avoir en horreur
Grieksαπεχθάνομαι; σιχαίνομαι
Hongaarsutál
IJslandshafa andstyggð á; hrylla; mér býður við
Italiaansdetestare
Latijnabominare; abominari
Nederlandseen afschuw hebben van; verafschuwen; verfoeien
Noorsavsky
Portugeesdetestar
Roemeensdetesta; urî
Russischотноситься с отвращением; питать отвращение
Saterfriesferouschjoue; ferouskjoue
Spaansaborrecer
Thaisรังเกียด
Westerlauwers Friesferspuie
Zweedsavsky