Informatie over het woord berichten (Nederlands → Esperanto: komuniki)

Uitspraak/bəˈrɪxtə(n)/
Afbrekingbe·rich·ten
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) bericht(ik) berichtte
(jij) bericht(jij) berichtte
(hij) bericht(hij) berichtte
(wij) berichten(wij) berichtten
(gij) bericht(gij) berichttet
(zij) berichten(zij) berichtten
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) berichte(dat ik) berichtte
(dat jij) berichte(dat jij) berichtte
(dat hij) berichte(dat hij) berichtte
(dat wij) berichten(dat wij) berichtten
(dat gij) berichtet(dat gij) berichttet
(dat zij) berichten(dat zij) berichtten
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
berichtbericht
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
berichtend, berichtende(hebben) bericht

Vertalingen

Afrikaansberig; meedeel
Catalaanscomunicar
Duitsanschließen; mitteilen; teilhaftig machen; den Verkehr vermitteln; in Kenntnis setzen; in Verbindung bringen; kommunizieren; übertragen; verbinden
Engelsreport
Esperantokomuniki
Faeröerskunngera; upplýsa
Franscommuniquer
Italiaansannunciare; comunicare
Papiamentskomuniká
Poolskomunikować; powiadamiać
Portugeescomunicar; participar
Saterfriesansluute; deelhaftich moakje; ferbiende; meedeele
Spaanscomunicar