Informatie over het woord aanrijding (Nederlands → Esperanto: kolizio)

Uitspraak/ˈanrɛɪ̯dɪŋ/
Afbrekingaan·rij·ding
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtvrouwelijk
Meervoudaanrijdingen

Voorbeelden van gebruik

Een 61‐jarige vrouw uit Den Haag is vrijdag overleden na een aanrijding eerder op de dag in haar woonplaats.
Toen wierp hij zich op het werk en aan de aanrijding van de drie auto’s dacht hij helemaal niet meer.
Vorig jaar waren er 61 aanrijdingen met damherten.
Een 24‐jarige Duitser heeft zaterdag in München een aanrijding met twee treinen overleefd.

Vertalingen

Afrikaansbotsing
DuitsKollision; Zusammenstoß
Engelscollision
Esperantokolizio
Faeröerssamanstoytur
Franschoc; collision
Maleistubrukan
SaterfriesKollision
Spaanschoque; colisión
Tsjechischkolize; srážka
Westerlauwers Friesoanfarring; oanriding