Informatie over het woord accommoderen (Nederlands → Esperanto: akomodi)

Uitspraak/ɑkɔmoˈderə(n)/
Afbrekingac·com·mo·de·ren
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) accommodeer(ik) accommodeerde
(jij) accommodeert(jij) accommodeerde
(hij) accommodeert(hij) accommodeerde
(wij) accommoderen(wij) accommodeerden
(gij) accommodeert(gij) accommodeerdet
(zij) accommoderen(zij) accommodeerden
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) accommodere(dat ik) accommodeerde
(dat jij) accommodere(dat jij) accommodeerde
(dat hij) accommodere(dat hij) accommodeerde
(dat wij) accommoderen(dat wij) accommodeerden
(dat gij) accommoderet(dat gij) accommodeerdet
(dat zij) accommoderen(dat zij) accommodeerden
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
accommodeeraccommodeert
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
accommoderend, accommoderende(hebben) geaccommodeerd

Vertalingen

Catalaansacomodar; adaptar
Duitsanbequemen; angleichen; anpassen
Engelsaccommodate
Esperantoakomodi
Faeröerslaga eftir
Fransaccommoder; adapter; ajuster
Latijnaccommodare
Papiamentsakomodá
Portugeesacomodar; adaptar; ajustar; arranjar
Saterfriesanpaasje
Spaansacomodar; adaptar
Tsjechischadaptovat; přizpůsobovat; přizpůsobit; upravit