Informatie over het woord manĝo

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Afbrekingmanĝ·o

Verbuiging

 EnkelvoudMeervoud
Nominatiefmanĝomanĝoj
Accusatiefmanĝonmanĝojn

Voorbeelden van gebruik

Post sia manĝo ili inspektis la palacon, kiu estis plena de rabaĵoj ŝtelitaj de reĝo Goso el multaj nacioj.

Vertalingen

Afrikaansete; maaltyd
Catalaansmenjar
Deensmåltid
DuitsEssen; Fraß; Mahlzeit
Engelsmeal
Fransrepas
Nederlandseten; maal; maaltijd
Noorsmåltid
Papiamentskomemento; komementu; kuminda
Portugeescomida; refeição
SaterfriesIeten; Mäil; Mäiltied
Spaanscomida
Tsjechischjídlo
Zweedsmåltid