Informatie over het woord stichten (Nederlands → Esperanto: fondi)

Uitspraak/ˈstɪxtə(n)/
Afbrekingstich·ten
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) sticht(ik) stichtte
(jij) sticht(jij) stichtte
(hij) sticht(hij) stichtte
(wij) stichten(wij) stichtten
(gij) sticht(gij) stichttet
(zij) stichten(zij) stichtten
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) stichte(dat ik) stichtte
(dat jij) stichte(dat jij) stichtte
(dat hij) stichte(dat hij) stichtte
(dat wij) stichten(dat wij) stichtten
(dat gij) stichtet(dat gij) stichttet
(dat zij) stichten(dat zij) stichtten
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
stichtsticht
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
stichtend, stichtende(hebben) gesticht

Voorbeelden van gebruik

Kylie Minogue wil graag een gezin stichten met haar vriend Joshua Sasse.

Vertalingen

Afrikaansstig; baseer
Catalaansfundar
Deensoprette
Duitsbegründen; den Grund legen für; den Grund legen von; erbauen; errichten; gründen; stiften
Engelsestablish; found
Esperantofondi
Faeröersstovna
Finsperustaa
Fransfonder
Italiaansfondere
Luxemburgsgrënnen
Papiamentsfunda
Poolsustanowić; założyć
Portugeesestabelecer; fundar; instalar
Roemeensfonda; întemeia
Saterfriesbegruundje; fundierje; gruundje
Spaansfundar; instituir; motivar
Zweedsgrunda; instifta