Informatie over het woord tell (Engels → Esperanto: diri)

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/tɛl/
Afbrekingtell
Shaw‐alfabet𐑑𐑧𐑤
Deseret‐alfabet𐐻𐐯𐑊

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) tell(I) told
(thou) tellest(thou) toldst, toldest
(he) tells, telleth(he) told
(we) tell(we) told
(you) tell(you) told
(they) tell(they) told
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) tell (I) told
(thou) tell(thou) told
(he) tell(he) told
(we) tell(we) told
(you) tell(you) told
(they) tell(they) told
Gebiedende wijs
tell
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
tellingtold

Vertalingen

Afrikaans
Catalaansdir
Deenssige
Duitssagen
Engels (Oudengels)cweþan
Esperantodiri
Faeröerssiga
Finssanoa
Fransdire
Hongaarsmond; szól
IJslandssegja
Italiaansdire
Jiddischזאָגן
Latijndicere
Maleiskata; berkata; cakap; tutur; ucap
Nederlandszeggen
Noorssi
Papiamentsbisa
Poolspowiedzieć; mówić
Portugeesdizer; proferir
Roemeensspune
Russischговорить
Saterfriesärwääne; kweede; tälle
Schots-Gaelischabair; can
Spaansdecir
Sranantaygi
Swahili‐sema; ‐ambia
Thaisว่า
Tsjechischpovědět; povídat; říci; říkat
Turkssöylemek
Westerlauwers Friessizze
Zweedssäga