Informatie over het woord teach (Engels → Esperanto: lernigi)

Woordsoortwerkwoord
Uitspraak/tiːtʃ/
Afbrekingteach

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) teach(I) taught
(thou) teachest(thou) taughtst, taughtest
(he) teachs, teacheth(he) taught
(we) teach(we) taught
(you) teach(you) taught
(they) teach(they) taught
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(I) teach (I) taught
(thou) teach(thou) taught
(he) teach(he) taught
(we) teach(we) taught
(you) teach(you) taught
(they) teach(they) taught
Gebiedende wijs
teach
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
teachingtaught

Voorbeelden van gebruik

The first part of each lesson teaches vocabulary and sentence structure.
Mistress Laletta, a slender dark‐eyed young woman of gentle birth but few prospects, taught competently and showed no favouritism.
Her errors have taught her wisdom.

Vertalingen

Afrikaansleer
Duitsbeibringen; lehren
Esperantolernigi
Fransapprendre; enseigner
Latijndocere
Nederlandsbijbrengen; leren; onderwijzen
Spaansenseñar
Srananleri
Thaisสอน
Welsdysgu
Westerlauwers Friesleare