Informasie oor die woord insulto

Woordsoortselfstandige naamwoord
Afbrekingin·sult·o

Verbuiging

 EnkelvoudMeervoud
Nominatiefinsultoinsultoj
Akkusatiefinsultoninsultojn

Vertalinge

Afrikaansbelediging
DuitsAnwurf; Beleidigung; Beschimpfung; Schmähung
Engelsabuse; affront; curse; insult
Faroëesskemdarorð
Fransaffront; injure
Nederlandsaffront; belediging; smaad
Papiamentsinsulto
Portugeesinjúria; insulto
Spaansafrenta; injuria; insulto; ofensa
Srananafrontu