Informatie over het woord Teil (Duits → Esperanto: parto)

Uitspraak/taɪl/
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtmanlijk of onzijdig

Verbuiging

 EnkelvoudMeervoud
NominatiefTeilTeile
GenitiefTeils, TeilesTeile
DatiefTeil, TeileTeilen
AccusatiefTeilTeile

Voorbeelden van gebruik

Die ursprüngliche Verbreitung des Wisents umfaßte einen großen Teil des europäischen Kontinents.

Vertalingen

Afrikaansdeel; part; gedeelte; aandeel; onderdeel
Catalaanspart
Deensdel
Engelspart; portion; share
Engels (Oudengels)dæl
Esperantoparto
Faeröerslutur; partur
Finsosa
Franscontingent; part; partie; portion
Hongaarsrész
LuxemburgsDeel
Nederlandsaandeel; deel; gedeelte; onderdeel; part; stuk
Noorsdel
Papiamentsparti
Portugeesparte
Russischдоля; часть
SaterfriesAndeel; Deel; Paatie; Stuk
Spaansparte; porción
Swahilikipande; sehemu
Thaisตอน; ช่วง
Tsjechischčást; díl; podíl
Westerlauwers Friesdiel; part; ûnderdiel