Information about the word inhouden (Dutch → Esperanto: enteni)

Pronunciation/ˈinɦɑʊ̯də(n)/
Hyphenationin·hou·den
Part of speechverb

Conjugation

Indicative mood
Present tensePast tense
(hij) houdt in(hij) hield in
(zij) houden in(zij) hielden in
Subjunctive mood
Present tensePast tense
(dat hij) inhoude(dat hij) inhielde
(dat zij) inhouden(dat zij) inhielden
Participles
Present participlePast participle
inhoudend, inhoudende(hebben) ingehouden

Usage samples

Daarop bood Visbhume hem een kistje te koop aan, inhoudende diverse voorwerpen die hij uit het huis van Hippolito had meegenomen.

Translations

Afrikaansbehels; bevat
Catalancontenir
Czechobsahovat
Englishcontain; hold
Esperantoenteni
Faeroeserúma
Frenchcontenir; renfermer
Germaneinschließen; enthalten
Italiancontenere
Portugueseabarcar; abraçar; conter; incluir
Spanishcontener
Swedishinnehålla
West Frisianhâlde