Informatie over het woord Wind (Duits → Esperanto: vento)

Uitspraak/vɪnt/
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtmanlijk

Verbuiging

 EnkelvoudMeervoud
NominatiefWindWinde
GenitiefWinds, WindesWinde
DatiefWind, WindeWinden
AccusatiefWindWinde

Voorbeelden van gebruik

Es war das Werk des Windes.

Vertalingen

Afrikaanswind
Albaneeserë; frymë
Catalaansvent
Deensvind
Engelswind
Engels (Oudengels)wind
Esperantovento
Faeröersvindur
Finstuuli
Fransvent
Grieksαέρας; άνεμος
Hawaiaansmakani
Hongaarsszél
IJslandsveður; vindur
Italiaansvento
Jiddischווינט
Latijnanima; ventus
LuxemburgsLoft; Wand
Maleisangin
Nederlandswind
Noorsvind
Papiamentsbiento; bientu
Poolswiatr
Portugeessopro; vento
Roemeensvânt
Russischветер
SaterfriesWiend
Schots-Gaelischgaoth
Spaansviento
Srananwinti
Swahiliupepo
Tagaloghangin
Thaisลม
Tsjechischvítr
Turksrüzgar
Welsgwynt
Westerlauwers Frieswyn
Zweedsvind