Informatie over het woord losbarsten (Nederlands → Esperanto: eksplodi)

Uitspraak/lɔzbɑrstə(n)/
Afbrekinglos·bar·sten
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) losbarst (ik) losbarstte
(jij) losbarst (jij) losbarstte
(hij) losbarst (hij) losbarstte
(wij) losbarsten (wij) losbarstten
(gij) losbarst (gij) losbarsttet
(zij) losbarsten (zij) losbarstten
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) losbarste(dat ik) losbarstte
(dat jij) losbarste(dat jij) losbarstte
(dat hij) losbarste(dat hij) losbarstte
(dat wij) losbarsten(dat wij) losbarstten
(dat gij) losbarstet(dat gij) losbarsttet
(dat zij) losbarsten(dat zij) losbarstten
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
barst losbarst los
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
losbarstend, losbarstende(zijn) losgebarst

Voorbeelden van gebruik

Er werd niet veel meer gesproken, want nu was het gevecht in volle hevigheid losgebarsten.
Onlangs barstte een discussie los over godsdienstvrijheid.
En in de stilte barstte een waar pandemonium los.

Vertalingen

Esperantoeksplodi