Informatie over het woord juffer (Nederlands → Esperanto: fraŭlino)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/ˈjɵfər/
Afbrekingjuf·fer
Geslachtvrouwelijk
Meervoudjuffers

Voorbeelden van gebruik

De jonge juffer zag mij nogmaals terloops aan, vroeg mij of ik niet wilde zitten, nam haar boek weer op en ging stil met lezen voort, zonder zich verder met mij te bemoeien.

Vertalingen

DuitsFräulein; Edelfräulein; Hoffräulein; Junggesellin
Engelsspinster; maiden
Esperantofraŭlino
Fransmademoiselle; mam’zelle
Portugeessolteira