Information about the word huldigen (Dutch → Esperanto: teni)

Pronunciation/ˈɦɵldəɣə(n)/
Hyphenationhul·di·gen
Part of speechverb

Conjugation

Indicative mood
Present tensePast tense
(ik) huldig(ik) huldigde
(jij) huldigt(jij) huldigde
(hij) huldigt(hij) huldigde
(wij) huldigen(wij) huldigden
(gij) huldigt(gij) huldigdet
(zij) huldigen(zij) huldigden
Subjunctive mood
Present tensePast tense
(dat ik) huldige(dat ik) huldigde
(dat jij) huldige(dat jij) huldigde
(dat hij) huldige(dat hij) huldigde
(dat wij) huldigen(dat wij) huldigden
(dat gij) huldiget(dat gij) huldigdet
(dat zij) huldigen(dat zij) huldigden
Participles
Present participlePast participle
huldigend, huldigende(hebben) gehuldigd

Usage samples

Dokter Willett daarentegen huldigt een volkomen afwijkende mening, en hij baseert zijn oordeel op het feit dat hij Ward al van kind af heeft gekend.

Translations

Afrikaansaanhou; behou; hou; vashou
Catalanaguantar; mantenir; retenir; sostenir; suportar; tenir
Englishhold
Esperantoteni
Finnishpitää
Frenchtenir
Germanaufhalten; halten; verhalten
Papiamentonister; tene
Portugueseconservar; guardar; manter; segurar; sustenar; ter
Saterland Frisianaphoolde; hoolde
Spanishtener
Srananori
Swedishbehålla; hålla
Turkishtutmak
West Frisianhâlde