Informatie over het woord assistent (Nederlands → Esperanto: asistanto)

Woordsoortzelfstandig naamwoord
Uitspraak/ɑsiˈstɛnt/, /ɑsɪˈstɛnt/
Afbrekingas·sis·tent

Vertalingen

Afrikaansassistent
Deensassistent
DuitsAssistent; Gehilfe; Helfer
Engelsadjunct; assistant
Esperantoasistanto
Fransadjoint
Hongaarsasszisztens
Italiaansassistente
Latijnassessor; auxiliator; minister
Maleispembantu
Papiamentsasistènt; yudadó
Portugeesassistente
SaterfriesAssistent
Spaansasistente; ayudante
Srananbakaman; yepiman
Thaisผู้ช่วย
Tsjechischpomocník
Turksasistan
Westerlauwers Friesassistint