Informatie over het woord verkillen (Nederlands → Esperanto: malvarmiĝi)

Uitspraak/vərˈkɪlə(n)/
Afbrekingver·kil·len
Woordsoortwerkwoord

Vervoeging

Aantonende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(ik) verkil(ik) verkilde
(jij) verkilt(jij) verkilde
(hij) verkilt(hij) verkilde
(wij) verkillen(wij) verkilden
(gij) verkilt(gij) verkildet
(zij) verkillen(zij) verkilden
Aanvoegende wijs
Tegenwoordige tijdVerleden tijd
(dat ik) verkille(dat ik) verkilde
(dat jij) verkille(dat jij) verkilde
(dat hij) verkille(dat hij) verkilde
(dat wij) verkillen(dat wij) verkilden
(dat gij) verkillet(dat gij) verkildet
(dat zij) verkillen(dat zij) verkilden
Gebiedende wijs
Enkelvoud/MeervoudMeervoud
verkilverkilt
Deelwoorden
Tegenwoordig deelwoordVerleden deelwoord
verkillend, verkillende(zijn) verkild

Voorbeelden van gebruik

Het roze marmer gaf hem een warm gevoel van binnen, dat echter plotseling verkilde toen hij een vreemd geklede figuur gewaar werd.
Toen de bel voor de derde keer ging, knoopte heer Bommel dan ook een handdoek om en snelde verkild de badkamer uit om open te doen.

Vertalingen

Afrikaansafkoel
Deensafkøle
Esperantomalvarmiĝi
Fransrefroidir
Italiaansraffredarsi
Papiamentsfria
Portugeesarrefecer; esfriar
Zweedskallna; svalna