Informatie over het woord zwijgen (Nederlands → Esperanto: silentado)

Uitspraak/ˈzʋɛɪ̯ɣə(n)/
Afbrekingzwij·gen
Woordsoortzelfstandig naamwoord
Geslachtonzijdig

Voorbeelden van gebruik

Het geraas van de strijd was gevolgd door het zwijgen van de dood.
Dit gepraat sterkte heer Ollie in zijn mening, zodat hij in koppig zwijgen voortstapte.
„Goedemorgen, heren”, zei ik om het zwijgen te breken.
Ildefonse riep de vergadering op zijn gebruikelijke manier tot de orde en tuurde toen van opzij naar Rhialto, die volhardde in zijn zwijgen.

Vertalingen

Esperantosilentado